Aan de goede kant?

Michel in Marrakesh

 up | home

Ieder mens heeft de behoefte om aan de goede kant te staan. De een vindt dat hij aan de goede kant staat door naar de kerk te gaan, of tenminste nog te bidden, of iets te doen in het kader van ‘de warmste week’. Vul maar in. De ander vindt dat allemaal niet nodig, maar is toch van mening dat hij ook wel aan de goede kant staat, omdat hij – bijv. – toch fatsoenlijk leeft en best wel bereid is om iets voor een ander te doen als het nodig is. Er zijn kortom 1001 manieren om aan de goede kant te staan. Maar er is één probleem. Al die mensen die aan de goede kant staan, hebben vaak één ding met elkaar gemeen: ze kijken neer op diegenen die naar hun mening niet aan de goede kant staan.

Jezus vertelt in het evangelie een gelijkenis over mensen ‘die erg tevreden zijn over zichzelf, omdat ze zeker zijn dat zìj aan de goede kant staan' (versta: en dus de anderen niet). Het is de gelijkenis van de Farizeeër en de tollenaar (Lukas 18:9-14; ‘God, ik dank u dat ik niet ben zoals…’). Ik moest hieraan denken toen ik op de radio Charles Michel namens België hoorde spreken in Marrakesh. Hij weet zeker dat hij door het global compact te ondertekenen aan de goede kant staat (en het koninkrijk België met hem en in hem en door hem). Wie het niet met hem eens is, heeft niet gewoon een andere mening, maar staat ‘aan de verkeerde kant’ en verdient een oorveeg. Een dramatisch slechte speech voor een eerste minister die premier van alle Belgen wil zijn. Morele oordelen zijn zaken die vroeger op de kansels klonken. Politici hebben een ander 'ambt'. Vermenging van ambten is schadelijk voor beide.

 

[Een ingekorte versie verscheen in De Standaard van 12/12/2018 ]