Met innerlijke ontferming bewogen worden

somatische semantiek : Erbarmen begint lichamelijk, in het 'binnenste ingewand'.

Hebreeuwse bijbel

1. Jeremia 31:18–20

Gods innige (innerlijke) bewogenheid (commotie) over Efraïm
(Efraïm = weggevoerde 10-stammenrijk, door Jeremia geduid als het gevolg van een godsoordeel, uitlopend op de emotionele uitroep van God:
Is niet Ephraïm mijn geliefde zoon, mijn troetelkind? Telkens als ik tot/over hem spreek, gedenk ik zijner. Daarom rommelen mijn darmen over hem (zijn mijn ingewanden (me'ai) in beroering, ben ik inwendig ontroerd over hem), zodat ik niet anders kan dan mij over hem ontfermen (werkwoordsconstructie met dubbel gebruik van 'racham', woordstam verwijzend naar de baarmoeder, erbarmen) .

Hebreeuws

הֲבֵן יַקִּיר לִי אֶפְרַיִם …
עַל־כֵּן הָמוּ מֵעַי לוֹ
רַחֵם אֲרַחֲמֶנּוּ נְאֻם־יְהוָה

LXX

υἱὸς ἀγαπητός μοι Εφραιμ …
διὰ τοῦτο ἐσπλαγχνίσθη τὰ σπλάγχνα μου ἐπ᾽ αὐτόν
ἐλεῶν ἐλεήσω αὐτόν

Vulgata

filius honorabilis mihi Ephraim …
ideo commota sunt viscera mea super eum
miserans miserebor eius

Gods ontferming (miseratio) wordt voorgesteld als voortspruitend uit een beroering van de ingewanden.
De Griekse vertaling heeft 2x 'splagchna' en 2x 'eleos'. Het latijn heeft viscera in commotie, en 2x een afleiding van misereor


2. Genesis 43:29–30

(Jozef ziet in Egypte z'n kleine broertje Benjamin na vele jaren weer terug)

Hebreeuws

וַיְהִי כִּי־רָאָה אֶת־בִּנְיָמִין אָחִיו …
וַיְּכַמְרוּ רַחֲמָיו אֶל־אָחִיו
וַיְבַקֵּשׁ לִבְכּוֹת

LXX

ἐταράχθη τὰ σπλάγχνα αὐτοῦ περὶ τοῦ ἀδελφοῦ αὐτοῦ
καὶ ἐζήτει τόπον τοῦ κλαῦσαι

Vulgata

commota sunt viscera eius super fratre suo
et festinavit ut fleret

Geheel in de lijn van Jeremia (Hebreeuws: racham, Grieks: splagchna).
Ik noteer: De 'ontroering van de ingewanden' is onbeheersbaar, een lichamelijke emotie; ze leidt onmiddellijk tot tranen. pre-reflexief.


3. 1 Koningen 3:25–26

(het Salomonsoordeel: het lichaam onthult het ware moederschap)

Hebreeuws

וַיֹּאמֶר הַמֶּלֶךְ גִּזְרוּ אֶת־הַיָּלֶד …
כִּי־נִכְמְרוּ רַחֲמֶיהָ עַל־בְּנָהּ
וַתֹּאמֶר בִּי אֲדֹנִי תְּנוּ־לָהּ אֶת־הַיָּלוּד

LXX

ἐταράχθη τὰ σπλάγχνα αὐτῆς ἐπὶ τῷ υἱῷ αὐτῆς

Vulgata

commota sunt viscera eius super filium suum

De ware moeder wordt herkend aan haar viscerale reactie: waarheid manifesteert lichamelijk.


4. Klaagliederen 1:18 en 2:11

Interessant zijn twee passages in Klaagliederen, ook vanwege de Vulgata (die spraakmakend is)


Lam 1:18 לִבִּי נִשְׁבַּר בְּבִטְנִי, כֹּחִי אבד מְאֹד καρδία μου συντετριμμένη ἐν ἐγχωρίῳ μου, ἡ δύναμίς μου ἀπώλετο σφόδρα Cor meum contritum est, et spiritus meus conturbatus est; virtus mea dispersa est valde “Mijn hart is verbrijzeld en mijn innerlijk / geest is verward; mijn kracht is zeer verloren”
Lam 2:11 לִבִּי וְבִטְנִי נִתְמְלָלוּ ἡ καρδία μου καὶ ἡ κοιλία μου συνταράχθησαν Conturbata sunt viscera mea, et cor meum contritum est “Mijn ingewanden zijn in beroering, en mijn hart is verbrijzeld”

Het hebreeuws heeft hier beide malen niet 'darmen' (ingewanden - me'ah), maar respectievelijk een verwijzing naar het hart (l'b - lev) en de buik/maag (b-t-n), idem in het Grieks, die echter het laatste wel twee keer verschillend vertaald. 

Voor iedereen in het Westen (tot ver in de de nieuwe tijd) is de Vulgata bepalend en spraakmakend (letterlijk). Die vertaalt hier 1x met viscera en 1x spiritualiserend : spiritus meus conturbatus (wel een sterke link plotseling met conturbabor...).



5. Psalmen: רַחֲמִים → οἰκτιρμός (LXX)

Opvallend is dat in de Psalmen: σπλάγχνα vrijwel ontbreekt, zelfs waar het Hebreeuws sterk lichamelijk is (raḥamîm)... Steekproef, niet uitgewerkt. dus voorlopig.

Psalm (MT / LXX) Hebreeuws LXX Vulgata Opmerking
Ps 25:6 / 24:6 רַחֲמֶיךָ οἱ οἰκτιρμοί σου miserationes tuae Klassiek gebedsvers; ontferming als goddelijke eigenschap
Ps 40:12 / 39:12 רַחֲמֶיךָ οἱ οἰκτιρμοί σου miserationes tuae Ontferming parallel aan trouw
Ps 51:3 / 50:3 רֹב רַחֲמֶיךָ τὸ πλῆθος τῶν οἰκτιρμῶν σου multitudinem miserationum tuarum Boetepsalm; affectief maar geabstraheerd
Ps 69:17 / 68:17 רַחֲמֶיךָ οἱ οἰκτιρμοί σου miserationes tuae Ontferming als antwoord op nood
Ps 77:10 / 76:10 רַחֲמָיו τοὺς οἰκτιρμοὺς αὐτοῦ miserationes suas Retorische vraag naar Gods ontferming
Ps 86:15 / 85:15
Ps 103:8 / 102:8
רַחוּם וְחַנּוּן οἰκτίρμων καὶ ἐλεήμων misericors et misericors Credo-achtige formulering (Ex 34:6)
Programmatisch
Ps 102:4,13 / 101:4,13 כְּרַחֵם אָב καθὼς οἰκτίρει πατὴρ quomodo miseretur pater Vaderlijke ontferming, beeld verinnerlijkt
Ps 106:45 / 105:45 כְּרֹב רַחֲמָיו κατὰ τὸ πλῆθος τῶν οἰκτιρμῶν secundum multitudinem miserationum Verbondsmatige barmhartigheid


Nieuwe testament

In de Evangeliën (synoptisch) wordt de uitdrukking "innerlijk met ontferming bewogen worden" gebruikt om de diepe compassie van Jezus te beschrijven, die hem tot spreken/handelen aanzet.
In het Grieks staat hier opnieuw: splagchnizomai, de ingewanden (de zetel van de barmhartigheid) komen in beweging. Om de taalsfeer te proeven: En Hij, de scharen ziende, werd innerlijk met ontferming bewogen over hen, omdat zij vermoeid en verstrooid waren, gelijk schapen, die geen herder hebben". Mattheüs 9:36/Marcus 6:34;
En Jezus, innerlijk met ontferming bewogen, stak de hand uit, en raakte hem aan...". (Marcus 1:41)
In de gelijkenis over de teruggekeerde zoon: "... en zijn vader zag hem, en werd met innerlijke ontferming bewogen".

Vaststelling: In de evangeliën is dit bijna een vaste technische term, die dus σπλάγχνα / viscera uit het Joodse Hebreeuws/Griekse mensbeeld overneemt.

Grieks

ἐσπλαγχνίσθη
(aoristus passief van σπλαγχνίζομαι)

  • Afgeleid van σπλάγχνα = ingewanden
    Letterlijk: “hij werd in zijn ingewanden bewogen”
    Niet: medelijden hebben, maar: visceraal geraakt worden

In de Vulgata wordt hier consistent vertaald met afleiding van 'misereor' (misertus est)


Kernplaatsen in de evangeliën (met context)

1. Marcus 1:40–41 – de melaatse

Grieks

καὶ ἔρχεται πρὸς αὐτὸν λεπρὸς …
καὶ σπλαγχνισθεὶς ἐκτείνας τὴν χεῖρα ἥψατο αὐτοῦ
καὶ λέγει αὐτῷ· θέλω, καθαρίσθητι

Vulgata

misertus eius extendit manum et tetigit eum

Contextuele functie
De innerlijke ontferming gaat onmiddellijk over in lichamelijk handelen (aanraken van onreine). De viscera bewegen → de hand beweegt.


2. Marcus 6:34 – de menigte als schapen zonder herder

Grieks

καὶ ἐξελθὼν εἶδεν πολὺν ὄχλον
καὶ ἐσπλαγχνίσθη ἐπ᾽ αὐτούς,
ὅτι ἦσαν ὡς πρόβατα μὴ ἔχοντα ποιμένα

Vulgata

misertus est super eos

Contextuele functie
Ontferming wordt hier herderlijke bewogenheid; ze motiveert onderwijs én later de broodvermenigvuldiging.


3. Marcus 8:2 – tweede broodvermenigvuldiging

Grieks

σπλαγχνίζομαι ἐπὶ τὸν ὄχλον,
ὅτι ἤδη ἡμέραι τρεῖς προσμένουσίν μοι

Vulgata

misereor super turbam

Contextuele functie
Niet louter geestelijk: honger raakt Jezus’ viscera. Ontferming is hier expliciet lichamelijk gemotiveerd.



Parabels: dezelfde term voor de 'God-figuren' in gelijkenissen:

  • Barmhartige Samaritaan (Luc. 10:33):

    ἐσπλαγχνίσθη

  • Vader van de verloren zoon (Luc. 15:20):

    ἐσπλαγχνίσθη



Theologische duiding

  • ἐσπλαγχνίσθη is de evangelische pendant van Hebr. raḥamîm

  • De evangeliën presenteren Jezus’ handelen als visceraal gemotiveerd. Daarop is zijn 'ethos' gebouwd. In het Grieks zou je zeggen: zijn ethos ontstaat op grond van pathos (aangedaan, aangeraakt zijn. Interessante dwarsverbinding met Nietzsche, die hierover in de Fröhliche Wissenschaft soortgelijke analyses uitvoert, zowel kritisch als opbouwend)

  • De Vulgata (misertus est) vervlakt dit enigszins; De lichamelijkheid is er uit, maar de preken van Bernardus van Clairvaux maken duidelijk dat dit helemaal niet noodzakelijk zo is. Hij legt de link met de ingewanden (viscera) en het lijden (vulnera) heel nadrukkelijk (preek 61)

Een duidelijk verband met ἔλεος, maar geen synoniem. In de bijbelse semantiek functioneren σπλάγχνα / σπλαγχνίζομαι en ἔλεος complementair, niet uitwisselbaar. Kort maar precies:

1. Semantisch onderscheid 'eleos' en 'splagchna'

σπλάγχνα / σπλαγχνίζομαι

  • Lichaamsmetafoor: ingewanden, innerlijke, viscerale bewogenheid, affectieve oorsprong van handelen

ἔλεος

  • Abstracter begrip: barmhartigheid, genadige goedgunstigheid

➡️ σπλάγχνα = bron
➡️ ἔλεος = effect / modaliteit




2. Parabels: σπλάγχνα leidt tot ἔλεος

Lucas 10:33–37 (Samaritaan)

  • v.33: ἐσπλαγχνίσθη  | v.37: ὁ ποιήσας τὸ ἔλεος

  • Vulgata: samenvallen, maar met nuanceverlies
    σπλάγχνα
    viscera
    ἐλεεῖν / ἔλεοςmisereri / misericordia



Conclusie

In de Bijbel is ἔλεος algemener abstracter: de barmhartigheid, misericordia
terwijl σπλάγχνα de viscerale bron is waaruit die daad voortkomt (misertus est).


Kolossenzen 3:12–13 — tekst en context

Grieks (NA-tekst, selectie)

Ἐνδύσασθε οὖν, ὡς ἐκλεκτοὶ τοῦ θεοῦ, ἅγιοι καὶ ἠγαπημένοι,
σπλάγχνα οἰκτιρμοῦ, χρηστότητα, ταπεινοφροσύνην, πραΰτητα, μακροθυμίαν,
ἀνεχόμενοι ἀλλήλων καὶ χαριζόμενοι ἑαυτοῖς,
ἐάν τις πρός τινα ἔχῃ μομφήν·
καθὼς καὶ ὁ κύριος ἐχαρίσατο ὑμῖν, οὕτως καὶ ὑμεῖς.


Vulgata

Induimini ergo, sicut electi Dei, sancti et dilecti,
viscera misericordiae, benignitatem, humilitatem, modestiam, patientiam,
supportantes invicem et donantes vobismetipsis,
si quis adversus aliquem habet querelam;
sicut et Dominus donavit vobis, ita et vos.


Kol. 3 vormt de ethische uitwerking van wat in 2:9–15 christologisch is gefundeerd. (In/met Christus zijn, totale vernieuwing van de mens, zijn 'essentie': Christus is alles en in allen ... (vers 11)

De metafoor ἐνδύσασθε (“trekt aan”) suggereert:

  • een nieuwe gestalte: zichtbaar, belichaamd gedrag, niet incidenteel, maar habitueel

σπλάγχνα οἰκτιρμοῦ: een geladen combinatie

a) σπλάγχνα= concrete lichamelijke term: ingewanden / locus van affectieve bewogenheid / echo van Hebr. raḥamîm en het evangelische ἐσπλαγχνίσθη zo kenmerkend voor Jezus zelf.

b) οἰκτιρμός= mededogen, erbarmen / minder lichamelijk, meer relationeel/ethisch

➡️ De genitief is hier
epexegetisch
:ingewanden, namelijk: ontferming ... of
functioneel: ingewanden die ontferming voortbrengen


Nederlandse vertalingen van de zinsnede uit Kilossenzen 3:12

Statenvertaling (SV):  "Doet dan aan, als uitverkorenen Gods, heiligen en geliefden, de innerlijke bewegingen der barmhartigheid, goedertierenheid, ootmoedigheid, zachtmoedigheid, lankmoedigheid."

NBG-vertaling 1951: "Doet dan aan, als door God uitverkoren heiligen en geliefden, innerlijke ontferming, goedheid, nederigheid, zachtmoedigheid en geduld."

Katholieke Bijbelstichting (KBS/Willibrordvertaling): "Kleedt u dus, als Gods heilige en geliefde uitverkorenen, in innige barmhartigheid, in goedheid, bescheidenheid, zachtmoedigheid en geduld."

Nieuwe Bijbelvertaling (NBV/NBV21): "Omdat God u heeft uitgekozen, omdat u zijn heiligen bent en Hij u liefheeft, moet u zich kleden in innig medeleven, in goedheid, nederigheid, zachtmoedigheid en geduld."

Bijbel in Gewone Taal (BGT) : "God houdt van jullie, en hij heeft jullie uitgekozen om zijn eigen volk te zijn. Daarom moeten jullie meeleven met anderen. Wees goed voor elkaar, en wees bescheiden, vriendelijk en geduldig."

Griekse kern σπλάγχνα οἰκτιρμοῦ
Latijn viscera misericordiae

Moderne Nederlandse vertalingen vermijden “ingewanden”, en verliezen zo het corporele en affectieve register

 “diepgevoelde ontferming” (→ parafrase, geen vertaling)
“een innerlijk van ontferming” (→ behoudt locus-idee, maar niet echt lichamelijk)



Patristische receptie van viscera misericordiae

a) Augustinus

Augustinus neemt viscera misericordiae herhaaldelijk op als interne dispositie, niet als louter emotie.

Enarrationes in Psalmos (bijv. Ps. 102):

misericordia non in labiis, sed in visceribus est

(barmhartigheid zit niet op de lippen, maar in de ingewanden)

➡️ Ontferming is voor Augustinus innerlijke waarheid (veritas interior), waaruit handelen volgt.

In De civitate Dei (IX, 5) maakt hij expliciet onderscheid:

  • misericordia ≠ zwakke emotie

  • maar een geordende innerlijke bewogenheid, passend bij de liefde (caritas)


b) Johannes Chrysostomos

In zijn Homiliae in Epistolam ad Colossenses (Hom. 7) legt Chrysostomos sterk de nadruk op de lichamelijke metafoor:

οὐκ εἶπεν ἔλεος μόνον, ἀλλὰ σπλάγχνα·
ἵνα τὴν πολλὴν τῆς εὐσπλαγχνίας δηλώσῃ

(Hij zegt niet slechts ‘barmhartigheid’, maar ‘ingewanden’, om de overvloed van het mededogen aan te duiden.)

➡️ Het beeld is intensiverend: ware christelijke deugd is diepgaand, niet oppervlakkig.


c) Theodoretus van Cyrus

In zijn commentaar op Kolossenzen:

τὴν ἐν βάθει τῆς ψυχῆς συμπάθειαν δηλοῖ

(hij duidt het medelijden aan dat in de diepte van de ziel huist)

➡️ Opmerkelijk: zelfs wanneer Theodoretus spiritualiseert, bewaart hij de idee van diepte / binnenste.


d) Bernardus van Clairvaux (middeleeuwse voortzetting)

In Sermones in Cantica Canticorum:

ubi non sunt viscera misericordiae, non est caritas

(waar geen ingewanden van barmhartigheid zijn, is geen liefde)

Sermones in Cantica Canticorum.Sermo 50, §5 Ubi non sunt viscera misericordiae, non est caritas.(PL 183, col. 1013). vgl Sermo 59, §4 (PL 183, col. 1057) waar misericordia wordt gelokaliseerd in intimis en verbonden met navolging van Christus. En natuurlijk sermo 61..

➡️ Bernardus radicaliseert de patristische lijn: viscera misericordiae zijn criterium van ware caritas.


SAMENVATTING PATRISTIEK

De patristische exegese leest σπλάγχνα οἰκτιρμοῦ niet als louter emotie, maar als een diep in het menselijk bestaan verankerde dispositie. Door de letterlijke weergave viscera misericordiae bewaart de Vulgata het bijbelse inzicht dat barmhartigheid niet slechts morele intentie is, maar een lichamelijk gesitueerde bron van handelen.





Samenvattend

De patristische traditie — van Chrysostomos tot Bernardus (Serm. in Cant. 50,5) — leest σπλάγχνα οἰκτιρμοῦ als een diep in het menselijk bestaan gesitueerde dispositie; de Statenvertaling bewaart dit inzicht nog in de formulering “innerlijke bewegingen der barmhartigheid”, terwijl de Vulgata met viscera misericordiae de corporele metafoor expliciet handhaaft.