1. Semantisch
onderscheid 'eleos' en 'splagchna'
σπλάγχνα / σπλαγχνίζομαι
ἔλεος
➡️ σπλάγχνα = bron
➡️ ἔλεος = effect / modaliteit
2. Parabels: σπλάγχνα leidt tot ἔλεος
Lucas 10:33–37
(Samaritaan)
-
v.33: ἐσπλαγχνίσθη | v.37:
ὁ ποιήσας τὸ ἔλεος
-
Vulgata:
samenvallen, maar met nuanceverlies
σπλάγχνα → viscera
ἐλεεῖν
/ ἔλεος → misereri
/ misericordia
Conclusie
In de Bijbel is ἔλεος algemener
abstracter: de barmhartigheid, misericordia
terwijl σπλάγχνα
de viscerale
bron is waaruit die daad voortkomt (misertus
est).
Kolossenzen 3:12–13 —
tekst en context
Grieks (NA-tekst,
selectie)
Ἐνδύσασθε οὖν, ὡς
ἐκλεκτοὶ τοῦ θεοῦ, ἅγιοι καὶ ἠγαπημένοι,
σπλάγχνα
οἰκτιρμοῦ, χρηστότητα, ταπεινοφροσύνην,
πραΰτητα, μακροθυμίαν,
ἀνεχόμενοι ἀλλήλων καὶ χαριζόμενοι ἑαυτοῖς,
ἐάν τις πρός τινα ἔχῃ μομφήν·
καθὼς καὶ ὁ κύριος ἐχαρίσατο ὑμῖν, οὕτως καὶ ὑμεῖς.
Vulgata
Induimini ergo, sicut
electi Dei, sancti et dilecti,
viscera
misericordiae, benignitatem, humilitatem,
modestiam, patientiam,
supportantes invicem et donantes vobismetipsis,
si quis adversus aliquem habet querelam;
sicut et Dominus donavit vobis, ita et vos.
Kol. 3 vormt de ethische uitwerking
van wat in 2:9–15 christologisch is gefundeerd. (In/met
Christus zijn, totale vernieuwing van de mens, zijn
'essentie': Christus is alles en in allen ...
(vers 11)
De metafoor ἐνδύσασθε (“trekt aan”) suggereert:
σπλάγχνα οἰκτιρμοῦ:
een geladen combinatie
a)
σπλάγχνα=
concrete lichamelijke term: ingewanden / locus van
affectieve bewogenheid / echo van Hebr.
raḥamîm en het evangelische
ἐσπλαγχνίσθη zo kenmerkend voor
Jezus zelf.
b)
οἰκτιρμός=
mededogen, erbarmen / minder lichamelijk, meer
relationeel/ethisch
➡️ De genitief is hier
epexegetisch:ingewanden,
namelijk: ontferming
... of
functioneel:
ingewanden die ontferming voortbrengen
Nederlandse
vertalingen van de zinsnede uit Kilossenzen 3:12
Statenvertaling (SV): "Doet dan aan, als
uitverkorenen Gods, heiligen en geliefden, de innerlijke
bewegingen der barmhartigheid, goedertierenheid,
ootmoedigheid, zachtmoedigheid, lankmoedigheid."
NBG-vertaling 1951: "Doet dan aan, als door God
uitverkoren heiligen en geliefden, innerlijke ontferming,
goedheid, nederigheid, zachtmoedigheid en geduld."
Katholieke Bijbelstichting (KBS/Willibrordvertaling):
"Kleedt u dus, als Gods heilige en geliefde uitverkorenen,
in innige barmhartigheid, in goedheid, bescheidenheid,
zachtmoedigheid en geduld."
Nieuwe Bijbelvertaling (NBV/NBV21): "Omdat God u heeft
uitgekozen, omdat u zijn heiligen bent en Hij u liefheeft,
moet u zich kleden in innig medeleven, in goedheid,
nederigheid, zachtmoedigheid en geduld."
Bijbel in Gewone Taal (BGT) : "God houdt van jullie, en
hij heeft jullie uitgekozen om zijn eigen volk te zijn.
Daarom moeten jullie meeleven met anderen. Wees goed voor
elkaar, en wees bescheiden, vriendelijk en geduldig."
Griekse kern σπλάγχνα οἰκτιρμοῦ
Latijn viscera
misericordiae
Moderne Nederlandse
vertalingen vermijden “ingewanden”, en verliezen zo het corporele en
affectieve register
“diepgevoelde
ontferming” (→ parafrase, geen vertaling)
“een innerlijk van
ontferming” (→ behoudt locus-idee, maar niet echt
lichamelijk)
Patristische
receptie van viscera
misericordiae
a) Augustinus
Augustinus
neemt viscera
misericordiae herhaaldelijk op als interne
dispositie, niet als louter
emotie.
Enarrationes in Psalmos
(bijv. Ps. 102):
misericordia non in
labiis, sed in visceribus est
(barmhartigheid zit niet op
de lippen, maar in de ingewanden)
➡️
Ontferming is voor Augustinus innerlijke waarheid
(veritas
interior), waaruit handelen volgt.
In De
civitate Dei (IX, 5) maakt hij
expliciet onderscheid:
-
misericordia ≠
zwakke emotie
-
maar
een geordende
innerlijke bewogenheid,
passend bij de liefde (caritas)
b) Johannes
Chrysostomos
In zijn Homiliae
in Epistolam ad Colossenses (Hom.
7) legt Chrysostomos sterk de nadruk op de
lichamelijke metafoor:
οὐκ
εἶπεν ἔλεος μόνον, ἀλλὰ σπλάγχνα·
ἵνα τὴν πολλὴν τῆς εὐσπλαγχνίας δηλώσῃ
(Hij zegt niet slechts
‘barmhartigheid’, maar ‘ingewanden’, om de
overvloed van het mededogen aan te duiden.)
➡️ Het
beeld is intensiverend:
ware christelijke deugd is diepgaand, niet
oppervlakkig.
c) Theodoretus
van Cyrus
In zijn
commentaar op Kolossenzen:
τὴν ἐν
βάθει τῆς ψυχῆς συμπάθειαν δηλοῖ
(hij duidt het medelijden
aan dat in de diepte van de ziel huist)
➡️
Opmerkelijk: zelfs wanneer Theodoretus spiritualiseert,
bewaart hij de idee van diepte / binnenste.
d) Bernardus
van Clairvaux (middeleeuwse
voortzetting)
In Sermones
in Cantica Canticorum:
ubi non sunt viscera
misericordiae, non est caritas
(waar geen ingewanden van
barmhartigheid zijn, is geen liefde)
Sermones in Cantica
Canticorum.Sermo 50, §5 Ubi non
sunt viscera misericordiae, non est
caritas.(PL 183, col. 1013). vgl Sermo 59, §4 (PL
183, col. 1057) waar misericordia
wordt gelokaliseerd in
intimis en verbonden met navolging
van Christus. En natuurlijk sermo 61..
➡️
Bernardus radicaliseert de patristische
lijn: viscera
misericordiae zijn criterium van ware caritas.
SAMENVATTING PATRISTIEK
De
patristische exegese leest σπλάγχνα οἰκτιρμοῦ
niet als louter emotie, maar als een diep
in het menselijk bestaan verankerde
dispositie. Door de letterlijke weergave viscera
misericordiae bewaart de Vulgata
het bijbelse inzicht dat barmhartigheid
niet slechts morele intentie is, maar een
lichamelijk gesitueerde bron van handelen.
Samenvattend
De
patristische traditie — van Chrysostomos
tot Bernardus (Serm.
in Cant. 50,5) — leest σπλάγχνα οἰκτιρμοῦ
als een diep in het menselijk bestaan
gesitueerde dispositie; de Statenvertaling
bewaart dit inzicht nog in de formulering
“innerlijke bewegingen der
barmhartigheid”, terwijl de Vulgata met viscera
misericordiae de corporele metafoor
expliciet handhaaft.