Purcell's anthems


Home | Archief | Componisten

 
 

De Anthems van Henry Purcell 

concert van het A.C.M. op 23/24 februari 2002, Brugge/Antwerpen


liturgisch sfeerbeeld: de setting van Purcells Anthems

Henry Purcell is as much the pride of an Englishman in music as

  • - Shakespeare in productions on the stage
  • - Milton in Epic Poetry
  • - Locke in Metaphysics
  • - or Sir Isaac Newton in Philosophy and Mathematics

(Dr. Burney in een hommage aan Purcell vlak voordat Vincent Novello met de uitgave van de verzamelde werken begint (1828)

Edel gezelschap dus !Purcell is volgens deze musicoloog één van de zeer groten. De geluiden die ik de afgelopen weken hoorde van verschillende kanten en de eerste luisteroefeningen bevestigen deze indruk, zo dadelijk hopelijk ook bij u.

Toch heeft hij maar net 36 jaar geleefd en de meeste tijd van zijn leven doorgebracht in London. Maar ja, daar zat hij dan ook wel helemaal op de eerste rij. Dat wil zeggen. Zijn vader was één van de gentlemen van de koninklijke kapel (chapel royal) en heeft Henry als jongenssopraan naar voren geschoven toen er een plaatsje vrij kwam, waarschijnlijk reeds in 1668 ( op 8-jarige leeftijd).De rest van zijn leven is Henry verbonden gebleven aan deze hofkapel. Als op 14-jarige leeftijd zijn stem breekt wordt hij assistent van ‘The Keeper of the Kings Wind- & Keyboard instruments’ (1673) en op 18jarige leeftijd krijgt hij zijjn eerste opdracht als componist, nl. om muziek te componeren voor de ‘Royal Violins’. King Charles had namelijk naar het voorbeeld van Louis XIV vingt-quatre violons toegevoegd aan zijn orkest.Inmiddels is de jonge Purcell ook al actief als hulporganist van de Westminster-Abbey en al spoedig één van de hoofdorganisten aldaar. Als hij dan in 1682 (24 jaar) ook nog als hoforganist en hofclavecinist wordt aangesteld heeft hij de top bereikt.In die jaren besteedt hij veel tijd en activiteit aan het componeren en uitvoeren van muziek voor de Anglicaanse liturgie. Purcell – omringd door muzikanten van topnivo – componeert ‘Anthems’ en verzorgt een volledige bewerking van de ‘mis’ (Service in b-flat > de majeur variant a.h.w. van die van Bach). Alle 10 canticles (vaste lofzangen) die in de Morning Prayer en Evensong worden gebeden zet hij op muziek, alsmede de andere altijd weerkerende onderdelen van deze ‘Services’.

Uit die tijd stamt ook het eerste muziekstuk van vandaag: Een stuk van de smeekbede uit de litanie. (Remember not o Lord, our offences)

Chapel Royal at Hampton Court (view from the Royal Pew)Stel u voor... u bent te gast op het paleis van Charles II, laten we zeggen at Hampton Court. Het is, zeg maar, 1683, een woensdag. U bent vroeg op, zoals iedereen in die dagen. En zoals een goede koning betaamt, zeker iemand die ook nog ‘supreme governor of the church of England’ is... begin je de dag met God. Charles hoeft er z’n palies trouwens niet voor uit. De koninklijke bank (the Royal Pew) in de koninklijke kapel is nl. onderdeel van zijn eigen appartementen. Eigenlijk is het ook helemaal geen bank, maar een compleet vertrek, zoiets als een loge in de schouwburg... ‘The children and gentlemen of the Chapel Royal’ en de priester staan al klaar voor Morning Prayer, Purcell zit aan het orgel. Als de koning ook verschenen is kan de ‘Service’ van start gaan. Het ochtendgebed verloopt geheel volgens het Book of Common Prayer. Er worden de nodige cantica gereciteerd, gebeden gezegd en Schriftlezingen gedaan, deels passend bij de liturgische tijd van het jaar, deels elke ochtend dezelfde. En steevast een aantal psalmen, volgens het rooster van het Book of Common Prayer dat er in voorziet dat in de loop van een maand alle 150 psalmen aan de beurt komen. Ter afronding van het morgengebed volgen nog de ‘collect’ gebeden, 3 stuks. Knielend bidt men om vrede en om genade. Als dat gedaan is staat er in het Book of Common Prayer in kleine rode druk de volgende regie-aanwijzing;

In Quires and Places where they sing, here followeth the Anthem.

Voilà. (Begrijpelijk: meestal één van de psalmen van de dag) Na de Anthem komen er nog 5 voorbeden (o.a. voor de koning en de koningin, zoals u begrijpt), waarvan de eerste drie wegvallen, als de litanie wordt gebeden.. niet zozeer vanwege de lengte van de litanie (die is eindeloos), maar om doublures te voorkomen...

.. Nu de beroemde smeekbede uit de litanie, die na Purcell ongeveer elke zichzelf respecterende Engelse componist wel op muziek heeft gezet...

Een ingenieus muziekstuk trouwens, waar we Purcell meteen al leren kennen als een man die op zeer effectvolle wijze de betekenis van ‘woorden’ weet te versterken en die z’n vak zo goed beheerst, dat hij erin slaagt om in een amper 3 minuten van een eenvoudig homofoon, maar meteen aangrijpend begin via contrapunt, imitatie, en herhaling (van de centrale smeekbede: but spare us good Lord) middels mooie harmonien en disharmonieen naar een climax toe te werken om dan met enkele pennestreken het hele gebed en de muziek tot rust te laten komen op de woorden redeemed with thy most precious blood.

Aansluitend horen we een uitgewerkte anthem, waarin God wordt geprezen als de koning van de hele aarde... Let in die anthem vooral ook op de expressiviteit bij woorden als ‘glad’, ‘joy’, ‘rejoice’ en natuurlijk op de levendige tekstschildering als het over ‘lightning’ gaat of als de heuvels ‘wegsmelten’...Halsbrekend zijn soms de toeren die de zanger moet uithalen om Purcells inventies te volgen.

1. Remember not, Lord, our offences 

SATB [Z 50, c. 1680-1682, tekst: BCP: from the Litany]

 

2. The Lord is King, the earth may be glad thereof

SATB + B. [Z. 54, 1688; tekst: psalm 97: 1-6, 10-12]

 

Politiek sfeerbeeld: Book of Common Prayer

De Anlgicaanse kerk heeft de meest wonderlijke ontstaansgeschiedenis van al. Henry VIII was gehuwd met de Catharina van Aragon (goed rooms, dat hoort u zo) en wilde van haar af (om met hofdame Anna Boleyn te kunnen trouwen). De paus weigerde dispensatie te verlenen, hoewel het huwelijk kinderloos was. Aanleiding genoeg voor Henry VIII om zich los te maken van het Habsburgse huis en in één adem van de paus van Rome: Resultaat Engeland krijgt haar eigen nationaal-katholieke kerk, onafhankelijk van Rome.De aartsbisschop van Canterbury, Thomas Cranmer, ontbindt daarop het huwelijk en in 1534 laat Hendrik VIII zich zelf tot Supreme Head of the Church of England benoemen, met als toevoeging: on earth immediately under God. Met deze Act of Supremacy is de Church of England of de Anglicaanse Kerk een feit, een wonderlijke sprongvariatie in de wereld der christelijke kerken. (Tussen haakjes: Natuurlijk waren er ook voor Henry VIII al heel wat refomerende tendenzen in Engeland, (denk aan Wycliff (reeds zeer vreog) en Tyndale (martelaar in Vilvoorde) en de humanisten) maar de volte van Henry is toch wel doorslaggevend gebleken voor de rest van de Engelse kerkgeschiedenis)

Heel wat brandstapels en onthoofdingen later [ want je losmaken van het Habsburgse huis en de paus van Rome gaat natuurlijk zomaar niet. Ook zijn er weldenkende mensen, die vinden dat het niet kan (Thomas Moore), ] probeert Henry met de Act of Uniformity wat orde in de ontstane chaos te brengen. In die wet wordt het Book of Common Prayer verplicht gesteld voor alle Anglicaanse kerken. Kort door de bocht gezegd is dit een dienst- en gebedenboek dat wat de sacramenten en de rechtvaardigingsleer protestants is, maar liturgisch en kerkordelijk tamelijk katholiek aandoet.

De reeds genoemde aartsbisschop van Canterbury, Cranmer, is de auteur en architect van deze kerk met deze liturgie en het moet gezegd: het staat vol met de prachtige gebeden en teksten: werkelijk een literaire en theologische prestatie van formaat. Helaas voor hem komt na Henry Mary Tudor aan de macht, die alle hervormingen weer terugdraait. Resultaat: Cranmer wordt te London verbrand (Bloody Mary).

Pas onder de langdurige regering van Elisabeth wordt het rustig in Engeland en vallen kerk en staat in hun plooi: De koning doet een stapje terug en laat zich niet meer Supreme Head van de kerk noemen, maar slechts Supreme Governor en het Book of Common Prayer wordt in licht katholiserende zin herzien. Het broeit nog wel onder de oppervlakte, zowel bij roomsgezinden als onafhankelijke protestantsgezinden (independenten), maar voorlopig blijft het rustig. De felsten onder hen wijken uit, bijv. via De Nederlanden met de Mayflower naar De Nieuwe Wereld... De paus blijft als bisschop van Rome erkend, maar meer niet, de Schrift en de sacramenten worden op gemengd Lutherse-calvijnse wijze opgevat en het kerkbestuur blijft bisschoppelijk (en dus nauw gelieerd met het hof en de magistratuur). Het celibaat is al bijna meteen afgeschaft.

Wat heeft dit nu met Purcell te maken, vraagt u zich misschien af. Nou, meer dan u denkt. Want het bleef niet rustig in Engeland. Onder Charles I liepen de spanningen steeds meer op omdat de top van de kerk en de koning steeds meer macht naar zich toe begonnen te trekken. Via een aantal wetten werd er steeds strenger op toegezien dat elke eredienst volgens het Book of Common Prayer werd gehouden. De dissenters of ‘puriteinen’ kwamen tenslotte met steun van het parlement in opstand tegen de koning en de kerkelijke hierarchie.

Onder de deskundige leiding van Oliver Cromwell was de strijd snel gestreden. Het parlement ging nu de echte ‘reformatie’ van Engeland ter hand nemen. In religieuze zaken ging het er eigenlijk net zo aan toe als wij recentelijk nog in Afghanistan hebben gezien. Er werd een vergadering van ruim 100 geestelijken samengeroepen, de zogeheten ‘Westminster synode’ en deze regelde gedurende jaren alle zaken van geloof en leven. Psalmgezang weerklonk nu in iedere kerk. Bisschoppen en formuliergebeden waren uit den boze. Dat was dus ook het einde van het Book of Common Prayer. Dat begrijpt u. Dat boek was zo’n beetje het symbool geworden van de hele strijd. Cromwell zelf scheen nog wel te kunnen accepteren dat anderen het zouden gebruiken, maar de tijdgeest was er niet naar... Het was steeds alles of niets. Uniformiteit in staat en religie. De plurale samenleving was nog ver weg. En lang voor de Fransen het aandurfden hun koning te onthoofden deden de Engelsen het. In 1649 stierf Charles I op het schavot, na door een speciale rechtband te zijn veroordeeld. Engeland werd een republiek.

Welnu: 10 jaar later wordt Purcell geboren. The Chapel Royal, zo kunt u zich voorstellen bestond niet meer, want er was geen koning meer. En er werd ook geen kerkmuziek meer gevraagd: Neen, psalmen en gezangen okay ! Maar instrumentale muziek of ‘kunstmuziek’ in de liturgie. Oh neen: Dat was voor wereldse of huiselijke aangelegenheden. De Puriteinse gemenebest steunde echter op het staatmanschap van één persoon: Oliver Cromwell, zodat er na zijn dood bijna automatisch weer een kentering intrad. De Anglicanen en een groep gematigde puriteinen (presbyterians) gingen Charles II uit ballingschap terughalen en herstelden de monarchie in ere. De jaren van de ‘Restoration’ begonnen. Eerst lijkt er een gematigd anglicanisme tot stand te komen, maar al snel neemt de oude politieke en kerkelijk garde het heft weer in handen. Voor de echte Anglicanen was het Book of Common Prayer geheiligd, juist omdat het onder Cromwell zozeer bestreden was.

Het werd in 1662 opnieuw uitgevaardigd, zonder dat aan de Presbyterians enige concessie was gedaan. Ja, een nieuwe Act of Uniformity wordt afgekondigd waarbij van alle priesters en voorgangers in het land een unconditional consent to The Book of Common Prayer wordt gevraagd. Het bijwonen van een kerkdienst die niet volgens dit dienstboek wordt gehouden wordt strafbaar gesteld. Het is enkel Charles politieke staatsmanschap en zijn mensenkennis die hem erin doen slagen het land door woelige jaren van strijd tussen Anglicans, Catholics, en Dissenters te loodsen.Trouwens: Ook Purcell moet in de loop van zijn leven geregeld schriftelijk bewijzen dat hij als hoffunctionaris recht in de leer, of beter in de liturgie was. De Test-Act eiste van alle ambtenaren dat zij in een Anglicaanse kerk ter communie gaan.

Wat een sfeer !

En wat een chaos ontstaat er dan als Charles II in 1685 sterft en opgevolgd wordt door zijn broer James II. De precaire evenwichtsoefening van de Engelse Staat en Kerk raakt grondig uit balans. James –gehuwd met een zeer roomskatholieke vrouw – richt een roomse Chapel Royal op bevolkt met musici naar de smaak van zijn vrouw, meest Italianen en probeert godsdienstvrijheid in te voeren... m.n met het oog op de roomskatholieken. En als er dan ook nog geruchten zijn over een ondergeschoven roomse troonsopvolger, begint het te gisten in de ‘streets of London’.

De door Purcell voor de kroning van deze koning geschreven bewerking van psalm 122, (I was glad) klinkt bijna cynisch als je weet wat er gebeurt onder het korstondige bewind van deze koning. Peace be within thy walls... Vrede zij in uw vesting, en welvaren in uw paleizen.. Niets daarvan: de situatie verslechtert zodanig, dat hij binnen 5 jaar moet vluchten met zijn vrouw en zeer omstreden troonsopvolger.

In dit licht wil ik de volgende 3 Anthems verstaan.

De eerste (Why do the heathen so furiously rage togheter?) is de beroemde reflectie van God op al dat aardse gedoe... God lacht ermee.. U zult het horen als Purcell deze zinnen toonzet. Maar eerst klinkt de verwonderde vraag: Why ? En je hoort de koningen dezer wereld zelfverzekerd en zelfgenoegzaam hun ‘banden breken’ en ‘hun ketenen’ afwerpen. En wat doet God nog meer dan ‘ermee lachen’.. Wel hij roept alle aardse koningen terug bij de les en doet een formidabele tegenzet: hij roept zijn gezalfde, meshiach – de messias uit tot ‘zijn Zoon’ (surprise, dit woord in het Oude Testament te horen, ookal gaat het hier gewoon (maar wat is gewoon?) om de 'gezalfde koning van Israel, Messiaans is het perspectief) ... Hij is het toonbeeld van een ‘koning naar Gods hart’ en zou dus het voorbeeld moeten zijn voor alle andere vorsten. Dringend wordt hierop aangedrongen: Be wise now...

Buig voor deze koning, Kus de zoon....

De tweede anthem heb ik net al genoemd. Zij was de introitus zal ik maar zeggen bij de pompeuze kroning van James II in 1685 in de Westminster Abbey. Maar liefst 8 Anthems klonken in die mis, waarvan enkele prominente van Purcell, .o.a. de eerste (dat is deze) en de laatste (de beroemde: My heart is inditing) Overigens zit het compositorisch venijn bij psalm 122 in de staart, waar Purcell al zijn kunde van stal haalt om de lofprijzing zo complex mogelijk te maken, maar dit terzijde. Het zal de meeste gasten in Westminster Abbey niet opgevallen zijn.

Als contrast met al dit ‘gedoe’ is dan de daarop volgende anthem te verstaan naar een fragment van de langste psalm uit de bijbel, ps 119, een blijver uit Purcells repertoire, gecopieerd in talloze kathedrale koorboeken. De toewijding aan het Woord van God, waar heel psalm 119 over gaat is volgens deze psalm het enige licht in duistere dagen, de enige vreugde in times of trouble. Veelzeggend vind ik de datering van deze anthem: de regeringsperiode van de katholiserende James is. Voor Purcell als lid van het anglicaanse chapel royal financieel en sociaal en volgens sommigen ook religieus beslist de moeilijkste periode uit zijn leven.

 

3. Why do the heathen so furiously rage together ?

SATB + A.T.B. [Z. 65, c.1682-1685, tekst: psalm 2 ]

 

4. I was glad when they said unto me

SSATB [Z - , 1685 [tekst: psalm 122: 1, 4-7; Hawkins ascribed the anthem to dr. John Blow. Since 1977 attributed to mr. Henry Purcell]: [Anthem for the coronation of James II, 23 april 1685, Westminster Abbey]

 

5. Thy word is a lantern unto my feet

SATB + A.T.B. [Z. 61, c1685-1690; tekst: psalm 119: 105 – 108 , 110, 111]

 

Legendarisch sfeerbeeld: Hawkins and ‘Fubbs’

Of: Hoe een maiden trip bijna falikant afliep

De bekende musicoloog en biograaf uit de 18de eeuw, James Hawkins, heeft niet alleen een enorme hoeveelheid composities van Purcell verzameld, overgeschreven en voor ons dus bewaard, maar heeft ook met veel genoegen allerlei anecdotes verzameld over Purcell en zijn muziek. Van hem is ook het verhaal dat Purcell op een avond dronken uit de pub kwam... en het was niet de eerste keer [het sociale leven van mannen speelde zich daar af] en dat zijn vrouw (Frances, dochter van een uit Gent uitgeweken Vlaming) het zo zat was, dat ze hem op stoep heeft laten staan... Purcell vatte kou, de kou werd een longontsteking en die longontsteking werd hem fataal. Waar of niet waar ? U mag zelf kiezen.

Over het volgende muziekstuk heeft Hawkins een nog veel mooier verhaal. Ik wil het u niet onthouden. Zoals u weet schijnen koningen op moreel vlak veel meer te mogen dan gewone burgers: Dat wisten de oude Romeinen al: Quod licet Jovi, non licet bovi. Hendrik VIII is uiteindelijk 6 keer getrouwd, 2 x gescheiden, en 2 van zijn vrouwen zijn onthoofd (en toch kon hij nog stees ‘supreme Head’ van de kerk blijven. En Charles II die bekend staat als de ‘merry monarch’ had de stiel geleerd bij de zonnekoning in Parijs. Op de avond van zijn officiele intrede (begin van de Restoration) levert hij een speech af voor het parlement, maar laat daarna rustig verstek gaan voor de Dankdienst in de Westminster Abbey. Hij brengt de nacht liever door met zijn toenmalige matiresse: Barbara Palmer.

20 jaar later is hij niet veranderd. Integendeel: de laatste jaren van zijn leven (de jaren 80, de jaren van Purcell) neemt hij het er goed van. Hij vond dat hij wel genoeg gedaan had voor zijn land. Als onderdeel van deze relaxe houding stort hij zich op de edele zeilsport. Hij laat een koninklijk jacht bouwen en noemt die Fubbs, wat de bijnaam was zijn toenmalige maitresse, de hertogin van Portsmouth. die de laatste jaren nogal wat aangekomen was. en ook zijn zeilschip was wat ‘breed in de heupen’... Fubbsy betekent mollig...

Op de maidentrip nodigt Charles een aantal muzikanten uit, om hem wat te vermaken onderweg. John Gostling de beroemde bas van de Chapel Royal was één van de genodigden. Hawkins doet verslag van de reis (hij zegt dat hij het verhaal 30 jaar na dato uit de mond van John Gostling zelf heeft gehoord):

"Bij de nadering van North Foreland stak er een hevige storm op en geraakte de boot in zodanige problemen, dat de koning en de hertog van York zich genoodzaakt zagen de handen uit de mouwen te steken, zelf de zeilen te strijken en te werken als gewone zeelui: "by good providence however, they escaped to land", Maar de beproeving waar ze in terecht gekomen waren had diepe indruk gemaakt op Mr. Gostling, zozeer zelfs dat hij die herinnering maar niet kon kwijtraken. Ik citeer nu Hawkins: "Struck with a just sense of the deliverance, and the horror of the scene which he had but lately viewed", zocht hij bij zijn terugkeer in London uit de het boek der psalmen die passages op, die de wonderen en de verschrikkingen van de diepte der zee beschrijven. Zo vond hij de verzen uit psalm 107 "and gave them to Purcell to compose an anthem, which he did."

Waar of niet waar ? De spectaculaire bas-solo was zeker op maat van John Gostling. En Hawkins weet nog te melden, dat jaren nadien er bijna geen solisten waren die deze Full with verse anthem durfden uitvoeren... Willem wel ! Dat u levendige schilderingen krijgt van het hele gebeuren hoef ik u denk ik niet meer te vertellen... Het mooist vind ik persoonlijk hoe Purcell de storm tot zwijgen brengt en de muziek laat stil vallen..

 

6. They that go down to the sea in ships

SATB + A. B. [Z. 57, 1685; tekst: psalm 107, 23-32]

 

 

Rijp en groen: Twee ‘full with verse & symphony anthems’

Tot slot nog twee grootse Anthems van Purcell. Beide zijn full with verse anthems met instrumentale ritornellos. Full duidt op de aanwezigheid van het koor. Verse op de rol van solisten die na de koorinterventies de tekst voortzetten (verse). symphony duidt op de instrumentalisten (in dit geval de strijkers) die niet slechts als begeleiders participeren, maar een eigen rol hebben.

Rijp en groen heb ik het genoemd, omdat de eerste ‘Unto thee will I cry’ een werk waarin Purcells kunde reeds tot volle wasdom is gekomen. Het tweede daarentegen is een jeugdwerk. (overigens zit er maar 5 tot 10 jaar verschil tussen, maar wat wil je ook als je maar 36 wordt). Het verschil tussen beide werken is vooral dit, dat de vroege anthem sprankelend en fris is, maar ook gekenmerkt wordt door jeugdige onbezonnenheid. Purcell blijkt een onuitputtelijke bron van steeds weer andere muzikale ideeen te zijn. Groves’ dictionary gebruikt de term: patchwork-design, Er wordt bijv. maar liefst 12 keer van maat veranderd. Grote verbanden zijn wel een beetje zoek.

Maar dat neemt niet weg, dat het een prachtig stuk is. De muziek is vol met tekstschildering en zeker vernieuwend wat de ‘vioolpartij’ betreft. Zo is er bijv. een complete ‘symphony’ aan het begin. De tekstuitbeelding is zeer direkt: Purcell schuwt de discords niet als de winter aan het verdwijnen is met zijn laatste stuiptrekkingen..., juist om daarna de lente volop te laten vieren door solisten, koor en orkest. Spectaculair is vooral Purcells muziek als hij de stem van de tortelduif die weer wordt gehoord gaat uitbeelden en in zijn muzikale figuren zelfs de groei van de vijg en het wingeren van de wijnstok probeert uit te drukken.

Onderbroken en besloten met een very joyful Hallelujahs

Een zeer afwisselend stuk dus, fris en sensueel. Je bent in dit stuk denk ik dicht bij de jonge Purcell zelf (misschien was hij op dat ogenblik wel verliefd)

    Het zou trouwens wel eens Purcells eerste compositie voor de ‘Chapel Royal’ kunnen zijn , waarin ook ‘the Royal violins’ worden ingezet. Charles had na terugkeer uit ballingschap (naar het voorbeeld van Louis XIV) vingt-quatre violons toegevoegd aan zijn orkest en ook de kerkmusici gevraagd wat minder zware en sombere muziek te componeren. the Composers of his Chappell had hij zelfs ecxpliciet de opdracht gegeven "to add Symphonys &c with Instruments to their anthems". Vandaar !

Maar eerst één van Purcells latere full with verse anthems. Het totaalconcept is hier veel sterker. Purcell is duidelijk op zoek gegaan naar meer eenheid ook tussen de verschillende delen, meer contrapunt ook en meer virtuose solopartijen. Grotere structuren smeden de verschillende delen samen tot een geheel. Maar ook dan wordt Purcell nooit academisch of droog (wat ik persoonlijk van Bach wel eens vind). Vitaal, ontwapenend en humoristisch is nog steeds zijn muziek. De verschillende verses heb ik ook in het tekstboekje van elkaar onderscheiden... Het voor zoveel psalmen karakteristieke omslagmoment van klacht en smeekbede naar lofprijzing kunt u trouwens niet missen: Anticiperend op de tekst voert Purcell een echte symfonische dans in voordat de lofprijzing begint.

7. Unto thee will I cry, O Lord 

ATB + A.T.B. [Z. 63, c.1682-1685; tekst: psalm 28: 1-3, 5-7]

 

8. My beloved spake and said unto me

SATB + soli A.T.B.B. [Z. 28 (pre 1678); tekst: Song of Solomon, (Hooglied): 2: 10-13, 16 (KJV)

 

biografie

HENRY PURCELL (1659-1695) is zijn leven lang verbonden geweest aan de 'Chapel Royal', van koorknaap via 'keeper of the Kings instruments' tot organist en componist. Daarnaast was hij ook nog organist van de 'Westmin-ster Abbey'. Zodoende stond hij midden in het woelige kerkelijke en politieke leven van zijn tijd. Hoewel hij in dit leven slechts 36 jaren volmaakte, diende hij toch onder 3 totaal verschillende vorsten: Charles II (the 'merry monarch' van de 'Restoration' (post-Cromwell-tijperk): 1660-1685), diens broer: James II (gehuwd met een rooms-katholieke vrouw: 1685-1688) en Mary & William of Orange, (die tijdens een 'Glorious Revolution' James II naar Frankrijk deden uitwijken: 1698-1695/1702). Onvergetelijke muziek schreef Purcell voor hun 'blijde intredes' en 'victorious returns' (Welcome songs and Odes) , voor ver-jaardagen en uitvaarten (Birthday Odes & Funeral sentences for Queen Mary) en voor andere feesten en gelegenheden (St. Caecilia's day). Ook als theater-operacomponist en profane liedjeschrijver ("catches") heeft hij zijn sporen verdiend.

In kerkelijke middens is hij vooral bekend door zijn anthems. Dit zijn werken voor koor & solisten & instrumenten (meestal een strijkers-groep). Het merendeel van deze anthems was bestemd voor de Anglicaanse erediensten in de 'chapel royal' , die de koning vanuit zijn eigen 'loge' kon bijwonen. Vandaaruit kwamen ze ook terecht in koorboeken van kathedralen en kerken. Ze zijn vaak gebaseerd op bijbelteksten (m.n. de psalmen uit het Book of Common Prayer). Voor het grootste deel stammen ze uit de jaren van de reger-ing van Charles II (dus voor Purcell: ca. 1675-1685). Charles had na zijn terugkeer uit ballingschap naar het voorbeeld van Louis XIV vingt-quatre vio-lons toegevoegd aan zijn huisorkest. Hij wordt in de annalen beschreven als "a brisk, & Airy Prince, comeing to the Crown in the Flow'r, & vigour of his Age". Ook weet men van hem nog te melden: "Tyr'd with the grave and Solemn way, [the king] Order'd the Composers of his Chappell, to add Symphonys &c with Instruments to their anthems". Waarvan acte... en waarvoor dank !

 

 

programmagegevens

Anthems

Door koor en strijkersgroep van het Antwerps Collegium Musicum o.l.v. Willem Ceuleers
solisten:

  • Stratton Bull (altus)
  • Patrick Debrabandere (tenor)
  • Charles King (bariton)
  • Willem Ceuleers (bas)

programma

  • My beloved spake Z. 28 (tekst uit het Hooglied): Een  grandioos muziekstuk van de jonge Purcell, met fascinerende 'textpainting'.
  • Remember not,  Lord, our offences Z 50 (aangrijpende smeekbede uit de 'litanie', met gewaagde harmonieën)
  • The Lord is king, the earth may be glad Z. 54 (Psalm 97) voor bassolo en koor.
  • Thy Word is a lantern Z. 61 (Psalm 119) Een van de 'blijvers'  uit Purcells repertoire
  • Unto thee will I cry Z. 63 (Psalm 28) een smeekbede
  • Why do the heathen Z. 65 (Psalm 2 over razende volken en een lachende God)
  • They that go down in ships Z. 57 (Psalm 117, de gevaren van de zeevaart, een stuk met een actuele aanleiding)
  • I was glad when they said unto me  (anthem voor “ The coronation of King James II on 23 April 1685)

praktische gegevens:

Protestantse & Anglicaanse kerk
't Keerske
Keersstraat 1
8000 Brugge
  • zaterdag 23 februari 2002
  • 20.00 uur
Anglicaanse Kerk 
St. Boniface
Grétrystraat 39
2018 Antwerpen
  • zondag 24 februari 2002
  • 20.00 uur