J.G. Herder: Das Kind der Sorge
(= bewerking van Hyginus fabulae)
Ooit, bij een zacht murmelende stroom,
zat Zorg terneer, en peinsde.
In gedachten verzonken
vormden haar vingers uit leem een beeld,
"Wat maak je daar, o godin?"
Sprak Zeus, die net naderde;
"Een beeld, gevormd uit klei,
beziel het, ik smeek het u.”
“Vooruit,” zei Zeus, en blies er leven in, —
“Het leeft! En nu behoort dit schepsel mij!”
Waartegen Zorg haar stem verhief en zei:
"Nee, laat het Heer, laat het mij
Mijn vingers hebben het gevormd."
— "Mijn adem gaf de leem het leven,"
zei Zeus. En terwijl ze twisten,
Trad plots ook Gaia naar voren
"Het is van mij! Zij heeft het,
uit mijn schoot getrokken, dat kind.” [die
klei]
"Welaan" zei Zeus, “Maar wacht:
Daar komt Kronos aan: laat hem beslissen."
Kronos sprak: "Het hoort u allen toe
Zo heeft het hoge lot beschikt:
Jij, die het ‘t leven gaf,
Neem het maar terug, als het sterft.
En jij Aarde, neem dan zijn lijf
want meer komt u niet toe.
En aan u, zijn moeder, Zorg,
vertrouw ik het toe, zolang het leeft.
Zolang het ademt, zult gij het niet verlaten,
is uw kind geheel aan u gelijk,
— zal het dag in, dag uit, vol moeite leven
tot het graf hem van u bevrijdt.
Deze uitspraak werd vervuld:
‘Mens’ heet dit schepsel.
Zijn levenstijd komt toe aan Zorg,
zijn stof aan Aarde, —zijn ziel aan God.
Duits origineel kunt u hier vinden, J.G. Herder, Zerstreute Blätter (Dritte Sammlung), 1787
U moet gewoon zelf het gedicht lezen, en op u laten inwerken. En er wat over mijmeren. Als u dat gedaan heeft, dan mag u verder lezen, als u dat wil.
Zorg is de eeuwige metgezel (zelfs de
moeder’ van) de mens, zo onthult ons Hyginus in
zijn Latijnse fabel (vroeger veel gebruikt als leerboek
eenvoudig Latijn). J.G. Herder vond het blijkbaar de moeite
waard om die gedachte in een gedicht aan de Duitsers door te geven.
Een grondtrek van ons bestaan als mens in de tijd.
En zoals veel wezenlijke aspecten van ons bestaan zitten daar twee
kanten aan… En die zijn met elkaar verbonden. In aanleg (in
principio) heel positiefs, natuurlijks…
zorgen voor, zorg besteden aan, een hart hebben voor, je om iets bekommeren…maar dat kan zich dus ook tegen je keren, beginnen te kwellen:
- De zorg die je besteedt aan mensen, dingen, jezelf…
- Daardoor ga je je hechten, aan mensen, dingen En dan komt de angst om de hoek… start to worry
- de angst dat je ze kwijtraakt – dingen: dat ze beschadigd worden, mensen, dat ze gekwetst worden, je ontvallen.
Bezorgheid komt voort uit zorg.
care kan licht transformeren in
worry
Zijstap:
Werpt al uw zorg/bekommernis op
de Heer, want Hij zorgt voor u
(zegt 1 Petrus 5,7,
daarbij Psalm 55
citerend (in het Grieks):
μέριμναν (solicitudinem) worry – μέλει
(cura)
care. Moderne vertaling: Want jij Gaat GOD ter harte. You matter to
God.
Zijstap naar de bekende evangelietekst: Weest niet bezorgd (Don't worry) ... kijk naar de vogels en de bloemen. Die doen dat toch ook niet. Dat wringt eigenlijk: "Wat komen die vogels daar doen?" in de vergelijking. Ja, ze zijn zorgeloos, hoe schoon. Zij wel, want ze zijn zich niet bewust van het leven zo, zoals wij het zijn.
Elegante oplossing: Onbezorgd zijn = niet door zorgen bedrukt. De zorgen zijn er wel, je hebt ze, je maakt ze je, maar ze ‘hebben’ jou niet. Je wordt er niet door verlamd, angstig… je kunt doorgaan, rustig (nu ja) wachtend wat komen zal, gebeuren, geschieden. Kome wat komt…
Zorgeloos =
je verwaarloost (veronachtzaamt) de ‘zorg’ die nodig
is. Je bekommert je niet om de dingen die essentieel zijn. t.o.v.
‘het zijn’ (mensen, dingen, mijzelf) tegenovergestelde van zorgeloos
is zorgvuldig…
- Zorgeloze vogels = dat kan want zij leven ‘onbewust’.
- De mens die zorgeloos leeft blijft onder z’n niveau als mens. Hij is ‘bewust’
Bewustzijn van het leven, doet de noodzaak tot zorg (zowel negatief als positief) ontwaken.
Cura gaat je hele leven mee (je metgezel Hyginus/Herder).
- 't Zijn ook hier de gewone dingen, die 't 'm doen (veroorzaken): overleven (eten, drinken, kleding). dus ook als een last (ook bij Herder) , die je niet zomaar kunt afwerpen op bevel. Het is een metgezel for life... De moeite en zorg duurt precies zolang als het leven…En ook daar hoor ik de Psalmist: “En wat daarin onze glorie was, het was moeite en zorg” (Ps 90)
HYGINUS* – fabel/mythe (ca. 64vC -15nC) – Fabulae 220
| Cura cum quendam fluvium transiret, vidit cretosum lutum, sustulit cogitabunda et coepit fingere hominem [deze 'spoiler' supprimeren]. Dum deliberat secum quidnam fecisset, intervenit Iovis; rogat eum Cura, ut ei daret spiritum, quod facile ab Iove impetravit. Qui (prob. Cui) cum vellet Cura nomen suum imponere, Iovis prohibuit suumque nomen ei dandum esse dixit. Dum de nomine Cura et Iovis disceptarent, surrexit et Tellus suumque nomen ei imponi debere dicebat, quandoquidem corpus suum praebuisset. Sumpserunt Saturnum iudicem; quibus Saturnus secus (prob. aequus) videtur iudicasse: "Tu, Iovis, quoniam spiritum dedisti [prob. een zinsnede weggevallen : animam post mortem accipe; Tellus, quoniam corpus praebuit], corpus recipito. Cura quoniam prima eum finxit, quam diu vixerit, Cura eum possideat; sed quoniam de nomine eius controversia est, homo vocetur, quoniam ex humo videtur esse factus." |
Toen 'Zorg' (Cura) eens een rivier overstak kwam ze in een gebied met leemhoudende aarde terecht. Ze zette zich neer, en in gedachten verzonken nam ze een stuk klei in haar handen en begon het te kneden, te vormen.En terwijl zij er nog over nadacht wat ze eigenlijk gemaakt had kwam Jupiter voorbij. ‘Wat heb je daar gemaakt’ vroeg hij. ‘Ik weet het niet,’ antwoordde Zorg, maar het is nog niet af. ‘Wil jij dit stuk leem, dat ik gekneed heb ‘leven geven’ Dat verzoek wilde Jupiter graag inwilligen. Toen zij echter het gevormde stuk haar naam wilde geven, verbood Jupiter dat en eiste dat het zijn naam zou krijgen. Terwijl 'Zorg' en Jupiter twistten over de naam verhief zich ook de Aarde (Tellus) en verlangde dat het gevormde stuk haar naam zou krijgen, omdat het immers gevormd was uit een stuk van haar lijf. De strijdende partijen namen Saturnus als rechter. En Saturnus deed de volgende, zo te zien rechtvaardige uitspraak: "Jij, Jupiter, omdat jij dit wezen de geest hebt gegeven, zult na zijn dood de geest ontvangen, en jij, Aarde, omdat jij het lichaam hebt gegeven, zult (na zijn dood) het lichaam ontvangen. Omdat echter de 'Zorg' dit wezen aanvankelijk gevormd heeft, daarom mag 'Zorg' het zolang het leeft bezitten. Omdat er echter onenigheid bestaat over de naam, laat het daarom 'homo' heten, omdat het uit humus (aarde) is gemaakt. |
opmerking: ik heb de Latijnse godennamen vervangen door Griekse... 2024, Dick Wursten |
* Hyginus is
de naam van een auteur, onder wiens naam een
mythologische verzamelbundel uit de Romeinse keizertijd is
overgeleverd: De Fabulae.
De traditie identificeert deze Hyginus met Gaius Iulius Hyginus, een vrijgelatene van
Augustus, en bibliothecaris van de
Palatijnse bibliotheek (rondom begin van onze jaartelling).
Hedendaags onderzoek neigt naar een latere datering (in zijn huidige
vorm in elk geval), waarmee de schrijver eigenlijk een anonieme
verhalenverteller uit de 2e eeuw
n.Chr. wordt (vaak “Hyginus
Mythographus” genoemd). Hij putte mogelijk
uit oudere, nu verloren werken van de historische Hyginus.
Enfin, allemaal hypothesesn. De Fabulae
vormen een kort mythologisch handboek in het Latijn, met
genealogieën van goden en helden, ca. 200–300 korte “fabels”
(mythen) en diverse lijsten en indexen (bijv. kinderen van bepaalde
goden, helden die hun vrouw doodden, enz.). De
stijl is zeer beknopt en vaak droog, maar de bundel is belangrijk
omdat ze veel varianten van Griekse en Romeinse mythen bewaart die
elders niet (meer) zijn overgeleverd. De tekst is slechts in één
middeleeuws handschrift (nu verloren) overgeleverd,
en voor het eerst gedrukt in 1535 door Jacobus Micyllus, die de
titel Fabulae introduceerde in plaats van het
oorspronkelijke Genealogiae.