"En ik verzeker u dat eenieder die de woorden van de profetie van dit boek hoort en iets eraan toevoegt, God zal hem de plagen/slagen toevoegen die in dit boek beschreven zijn. En als iemand ook maar iets afneemt van de woorden van het boek van deze profetie, God zal hem zijn deel afnemen van de boom des levens, en van de heilige stad, en van de wat in dit boek beschreven is."
Zoals u al begrepen hebt door de tekst te lezen is de auteur van het laatste bijbelboek (dat zelf nogal wat moeite heeft moeten doen om in de canon (= lijst met heilige boeken) opgenomen te worden) heel streng voor mensen die denken dat ze aan zijn tekst wel wat mogen/kunnen morrelen. Hij dreigt ze af per analogie: Wie iets toevoegt, krijgt de straffen uit het boek toegevoegd. En wie iets verwijdert, wordt verwijderd van de levensboom, uit de stad, van de 'zegeningen' die in dit boek beschreven zijn. Dat kan tellen, zo'n dreiging. Was overigens niet zo ongebruikelijk in de oudheid. De apocalyps is sowieso veel minder origineel dan wij bij gebrek aan bijbelkennis (canoniek en apocrief!) vaak denken. De auteur heeft z'n eigen woorden als Gods Woord beleefd (een boek der profetie) en dus is de tekst heilig. En daar mag je niet aan toevoegen, daarin mag je niet knippen. Logisch.Met de tekstoverlevering (in 't Grieks, maar dat had u al begrepen) is alles in orde.
Daar gaat het niet over.
Het gaat over... het Latijn.
Het gaat over de boom des levens. Die is in het Latijn
uit de tekst verdwenen, d.w.z. vervangen door het boek des levens.
Dit staat er in 't Grieks (groen is de
boom van het leven in het Grieks tou xulou tes zoës).
18 Μαρτυρῶ ἐγὼ παντὶ τῷ ἀκούοντι τοὺς λόγους τῆς προφητείας τοῦ
βιβλίου τούτου· ἐάν τις ἐπιθῇ ἐπ᾽ αὐτά, ἐπιθήσει ὁ θεὸς ἐπ᾽ αὐτὸν
τὰς πληγὰς τὰς γεγραμμένας ἐν τῷ βιβλίῳ τούτῳ, 19 καὶ ἐάν
τις ἀφέλῃ ἀπὸ τῶν λόγων τοῦ βιβλίου τῆς προφητείας
ταύτης, ἀφελεῖ ὁ θεὸς τὸ μέρος αὐτοῦ ἀπὸ
τοῦ ξύλου τῆς ζωῆς
καὶ ἐκ τῆς πόλεως τῆς ἁγίας τῶν γεγραμμένων ἐν τῷ βιβλίῳ τούτῳ.
Er is blijkbaar iets misgegaan bij het vertalen of overschrijven van het
Griekse origineel, maar
niet meteen. HIeronymus (of beter: iemand in zijn omgeving) vertaalt keurig netjes
ἀπὸ
τοῦ ξύλου τῆς ζωῆς uit het Grieks. Niet moeilijk: de ligno vitae.
Dat is de Latijnse
standaardversie (eind 4de eeuw). Die wordt verspreid vanuit de kringen
rond Hieronymus door het hele Latijnse (Romeinse) rijk. Hier een
prachtig voorbeeld uit de 8ste eeuw: Een zeer zorgvuldige kopie van de
hele Latijnse bijbel uit
Northumbria (voor 716 AD. De codex Amitianus).
Nog steeds geen vuiltje aan de lucht.

Toch lezen we in veel Latijnse
bijbels iets anders: de libro vitae (boek
des levens). Hoe komt dat? Al vanaf (of zelfs vóór Hieronymus) zijn er
uitleggingen bekend die hier niet over lignum vitae (boom des
levens) spreken maar over librum vitae (boek des levens).
Dat suggereert dat voor en tegelijk met Hieronymus' versie er andere Latijnse vertalingen
van de Apocalyps hebben gecirculeerd die deze lezing hadden (Noord-Afrikaanse
traditie vooral). En: Hieronymus' versie moet het in dit geval al snel afleggen tegen die
andere, hetzij vanwege de invloed van commentaren en oud latijnse
vertalingen die de libro vitae hebben, hetzij vanwege een simpele
slip of the pen... Kijk maar hoe vaak staat er niet
libro/libri in de omgeving van ligno... Eén keer als kopiïst met je ogen
knipperen tijdens het schrijven en je hebt het vervangen.
Wellicht dus een kopieerfout tijdens het overschrijven. Komt bij: het begrip 'librum vitae' past ook goed bij de gedachtengang. Niet zozeer 'weggenomen' (afgehakt) van de lignum vitae (boom des levens), maar weggenomen (geschrapt) uit het librum vitae (boek des levens). Goed, kan gebeuren. Vast niet opzettelijk of met kwade bedoelingen. En ook niet zo erg. Ook het beroemde geïllustreerde commentaar (bloemlezing van de beste kerkvaderlijke commentatoren, m.n. Tyconius, Augustinus etc.) uit de 8ste eeuw toegeschreven aan Beatus van Liébana, schijnt librum te bevatten (ik heb het niet kunnen controleren/vinden),zeer bekend vanwege de geïntegreerde full colour afbeeldingen). Geen boom des levens , maar boek des levens er in de Latijnse tekst. In de vertaling mag de boom des levens dan wel verdwenen zijn, in de verbeelding niet. Ze staat stevig geplant in het begin van het hoofdstuk (Apoc 22:2), bij de rivier van het kristalheldere water des levens...
De meeste Latijnse bijbels hebben de libro vitae... (De belangrijkste uitzondering is de codex Amitianus, die ik hierboven al afdrukte). Maar de tijd gaat voort. De Renaissance breekt aan, men keert - in de 16de eeuw - massaal terug naar de bronnen (Ad fontes), d.w.z. de oude Griekse manuscripten uit de eerste eeuwen. Deze hebben allemaal 'wegnemen van de boom des levens'. Nog een keer de standaardtekst in het Grieks van vers 18 en 19. Xulou...- ja u kent het van de 'xylofoon'.
18 Μαρτυρῶ ἐγὼ παντὶ τῷ ἀκούοντι τοὺς λόγους τῆς προφητείας τοῦ βιβλίου τούτου· ἐάν τις ἐπιθῇ ἐπ᾽ αὐτά, ἐπιθήσει ὁ θεὸς ἐπ᾽ αὐτὸν τὰς πληγὰς τὰς γεγραμμένας ἐν τῷ βιβλίῳ τούτῳ, 19 καὶ ἐάν τις ἀφέλῃ ἀπὸ τῶν λόγων τοῦ βιβλίου τῆς προφητείας ταύτης, ἀφελεῖ ὁ θεὸς τὸ μέρος αὐτοῦ ἀπὸ τοῦ ξύλου τῆς ζωῆς καὶ ἐκ τῆς πόλεως τῆς ἁγίας τῶν γεγραμμένων ἐν τῷ βιβλίῳ τούτῳ.
Dan nu de hamvraag: Hoe kan het dan dat in de Statenvertaling - dè bronvertaling bij uitstek - hier toch nog 'boek des levens' te lezen staat er geen spoor van de ditto boom te bekennen is...?
Het antwoord is plain and simple... Toen Desiderius Erasmus in Leuven bezig was de eerste editie van het Grieks Nieuwe Testament uit te brengen (1515-1516) had hij moeite gehad om een Grieks manuscript te vinden waarin de Apocalyps was opgenomen. Uiteindelijk had hij er maar eentje weten te bemachtigen (via de bekende Duitse taalgeleerde Reuchlin) waarin de tekst van de Apocalyps was opgenomen samen met het commentaar van Andreas van Caesarea. Dat was al lastig, maar nog erger: het laatste deel ervan ontbrak, zodat Erasmus geen Griekse 'Vorlage' had van het slot van de Apocalyps, om precies te zijn. Zijn Griekse tekst brak af bij het begin van wat wij nu Openbaring 22,16 noemen (toen was de bijbeltekst nog niet genummerd). Omdat hij geen andere manuscript kon vinden, en de uitgave nogal onder tijdsdruk stond (in Spanje was men met een soortgelijke editie bezig: wie het eerst op de markt komt....). Dat probleem heeft hij dan opgelost door zijn... Latijnse bijbel te nemen en die verzen dan maar in het Grieks te vertalen. De betekenis was wel duidelijk. Dus kon er weinig misgaan. Het resultaat is dus in 1516 gepubliceerd als 'Griekse grondtekst'.

Voor het eerst is er nu een Griekse tekst, waarin niet meer ἀπὸ τοῦ ξύλου τῆς ζωῆς ('xylou zoès'), maar ἀπὸ βιβλου ζωῆς. ('biblou zoès') staat. Trouwens ziet u hoe Erasmus' Grieks latiniseert: het is letterlijk overgezet Latijn. HIj heeft zelfs vergeten de lidwoorden toe te voegen voor de beide zelfstandige naamwoorden, standaard in het Grieks (dat wordt later 'gladgestreken'). Maar Erasmus was wel eerlijk: in de aantekeningen (Annotationes) vermeldt hij precies wat hij gedaan heeft:
Quamquam in calce huius libri nonnulla verba reperi apud nostros quae aberant in Graecis exemplaribus; ea tamen ex latinis adiecimus
("Echter, aan het slot van dit boek heb ik enkele woorden aangetroffen bij de onzen [= in de bij ons gebruikelijke bijbels, d.w.z. de Vulgata] die ontbraken in de Griekse exemplaren; die heb ik dan maar vanuit de Latijnse [bronnen] toegevoegd.").

In een brief aan zijn Engelse collega, en criticaster, Edward Lee heeft hij in 1520 het nog eens uitgelegd (en verdedigd):
Dubium non erat quin essent omissa, et erant perpauca. Proinde nos, ne hiaret lacuna, ex nostris Latinis supplevimus Graeca
("Er was geen enkele twijfel dat ze [de woorden] waren weggelaten, en het waren er ook maar zeer weinig. Daarom heb ik, opdat er geen lacune zou gapen, de Griekse [tekst] vanuit onze Latijnse [teksten] aangevuld."
Dat heeft Erasmus overigens vrij 'slordig' (snel) gedaan. Het Latijn heeft geen lidwoorden, het Grieks wel. Bij hem lees je dus niet ἀπὸ τοῦ βιβλίου τῆς ζωῆς, maar ἀπὸ βιβλου τῆς ζωῆς. Die lidwoordenkwestie heeft hij later aangepast, maar niet op grond van een nieuw manuscript (want dat had hij niet), maar op grond van zijn taalgevoel (vermoed ik). Ook heeft hij bij meerdere vertaalmogelijkheden (Latijn > Grieks) soms ook een ander Grieks woord gekozen dan in de echte Griekse bronnen stond. Kan gebeuren. Niet erg. Erasmus was te goeder trouw. Zijn verbuiging van het werkwoord ἀφαιρέω is trouwens wel ongebruikelijk in het Grieks (duidelijk 'geconstrueerd futurum': ἀφαιρήσει (aphairesei), terwijl de juistevorm: ἀφελεῖ (afelei) moet zijn: stamverandering in futurum en aoristus. Erasmus wordt door de leraar Grieks op de vingers getikt. Dat we dat nog mogen meemaken!.
Maar nu gebeurt het. Erasmus ingreep (losse pols vertaling vanuit het Latijn) - hoewel hij daarover transparant is - wordt kritiekloos aanvaard, en heilig verklaard: Niemand heeft nog verder gezocht naar een betere Griekse bron in de 16de eeuw. En ook niet in de 17de eeuw. Dat wil zeggen dat Erasmus fout onderdeel ging uitmaken van wat men dacht dat er stond in het echte boek Openbaring van Johannes. De Griekse tekst wordt gewoon 'geaccepteerd' als perfect: de Textus Receptus (Elzevier, 1633), Gods Woord, de tekst van het Nieuwe Verbond in het Grieks.
De Statenvertalers in Nederland, de King James translators, ze namen zonder nog verder bronnen te controleren, de tekst van Erasmus in ontvangst, en gingen aan de slag met hun vertaalwerk. Ze zijn niet ook niet gaan kijken naar Griekse handschriften in de buurt (Leiden, Cambridge, Oxford, London). En zien dus allemaal in vers 19 staan een variant van wat Erasmus daar in 1516 schreef (dit is de originele versie. Later dus nog licht geëmendeerd, maar de biblos is gebleven). Ik heb voor het gemak ook even de keuze van een ander Grieks werkwoord ter vertaling van 'afnemen' roodgemarkeerd. cf. met bovenstaand origineel Grieks citaat).
18 συμμαρτυροῦμαι γὰρ παντὶ ἀκούοντι τοὺς λόγους προφητείας βιβλίου τούτου. εἴτις ἐπιτιθῇ πρὸς ταῦτα ἐπιθήσει ὁ θεὸς ἐπ᾽ αὐτὸν τὰς πληγὰς τὰς γεγραμμένας ἐν βιβλίῳ τούτῳ, 19 καὶ εἴτις ἀφαιρῇ ἀπὸ τῶν λόγων βίβλου τῆς προφητείας ταύτης, ἀφαιρήσει ὁ θεὸς τὸ μέρος αὐτοῦ ἀπὸ βίβλου ζωῆς, καὶ πόλεως ἁγίας, καὶ τῶν γεγραμμένων ἐν βιβλίῳ τούτῳ.
Zo zie je maar dat je altijd zelf ad fontes moet gaan, anders stroomt het water uit die bron niet tot bij jou... Of anders gezegd: dan loop je de kans dat je met surrogaatbronwater wordt afgescheept.
In de kanttekeningen bij Openbaring geven de Statenvertalers geregeld tekstkritische opmerkingen wanneer zij die belangrijk achtten (bijvoorbeeld: “Anderen lezen…”), maar bij 22:19 ontbreekt zo’n opmerking.

19 En indien iemand afdoet van de woorden des boeks dezer profetie, God zal zijn deel afdoen uit het boek des levens, en uit de heilige stad, en uit hetgeen in dit boek geschreven is.
kanttekening 'zijn deel' : Namelijk dat hij zou menen te hebben. Want dat geen van die in het boek des levens waarlijk geschreven zijn, worden uitgedaan, blijkt Openb. 13:8; 21:27.
kanttekening 'heilige stad' : Namelijk des
hemelsen Jeruzalems, gelijk hiervoor vers 14.
Conclusie: De Statenvertalers controleerden zorgvuldig hun eigen teksten, d.w.z. vertalingen (daarvoor was een peerreview systeem opgesteld), maar keken niet naar de brontekst.
(prof. Jan Krans (PHTU) schreef een evenwichtig artikel met de feiten en afwegingen. U kunt het nalezen op zijn blog. Daar verwijst hij ook naar een wetenschappelijk artikel van zijn hand in het Engels waarin hij alle détails bespreekt, alle argumenten weergeeft en weegt, in het Engels (free downloadable: https://jbtc.org/v16/Krans2011.pdf )