← Antwerpse Polyglot

Willem Canter, Variarum in Graecis Bibliis lectionum libellus

Canters bijdrage aan de Antwerpse Polyglot: de lijst van Griekse varianten bij Oude en Nieuwe Testament. Bronpagina met facsimile van het hele boekje en transcriptie en vertaling van de praefatio en het Ad lectorem.

Inleiding

Willem Canter (Utrecht 1542 – Leuven 1575) was een van de bekwaamste Griekse filologen van zijn generatie: editeur van de tragici en auteur van een handboek over het emenderen van Griekse teksten (Syntagma de ratione emendandi Graecos auctores, Antwerpen: Plantijn, 1571). Over zijn werkwijze als editeur, en hoe die zich verhoudt tot deze lijst, zie Canter als editor: theorie en praktijk. Voor de Polyglot leverde hij één werk: dit boekje van twaalf bladzijden met varianten in de Griekse Bijbel, in het Apparatus.

Het boekje bestaat uit twee lijsten. De eerste (pp. 1–6) geeft varianten bij de Griekse tekst van het Oude Testament. Canter noemt in zijn praefatio zijn bronnen: een handgeschreven Octateuch van John Clement en een Duitse druk van de Griekse Bijbel met collaties naar twee Vaticaanse codices in de marge, uit de bibliotheek van kardinaal Granvelle. De tweede lijst (pp. 7–12) geeft varianten bij het Nieuwe Testament. Daarvoor gebruikte hij, zegt het Ad lectorem, een exemplaar van de gangbare Griekse tekst (vulgata editio) dat al met de Complutensis en andere getuigen was vergeleken. Steekproeven tonen dat dit de editie van Robert Estienne (Parijs 1550) met haar marge-apparaat is; zie Handelingen 16:35–40, Apocalyps 22 en het Comma Johanneum.

Montano noemt Canter in zijn Alia ad lectorem praefatio alleen in algemene bewoordingen: de hoc opere omni ex parte benemeritum. Na Canters dood vroeg Plantijn diens broer Theodoor om Willems paragones in novum testamentum (brief 664, 29 oktober 1575; zie Plantijns Vatable-bijbel).

Bibliografische gegevens

Titel (OT)
Variarum in Graecis Bibliis lectionum libellus, a Gulielmo Cantero concinnatus, met Praefatio
Titel (NT)
Variarum Novi Testamenti lectionum libellus, a Gulielmo Cantero concinnatus, met aan het slot Ad lectorem
In
Biblia Sacra Hebraice, Chaldaice, Graece et Latine (Biblia Regia), Apparatus. Antwerpen: Christoffel Plantijn, 1569–1572. In het gebruikte exemplaar deel VIII; de nummering van de Apparatus-delen verschilt per exemplaar.
Omvang
12 bladzijden in folio, drie kolommen. OT: pp. 1–6 (Genesis–Makkabeeën); NT: pp. 7–12 (Matteüs–Apocalyps).
Sigla (OT)
Geen teken: uit Clements codex (Octateuch) of uit de Vaticaanse collaties (overige boeken); V.: in de Octateuch alleen uit de Vaticaanse codices; C. V.: uit beide. Het NT heeft geen sigla.
Approbatie
Leuven, XIII Calend. Decemb. 1571 (19 november 1571): Augustinus Hunnaeus, Cornelius Reyneri Goudanus, Johannes Harlemius.
Exemplaar
Spaans exemplaar (pdf, scans 300 dpi).

Facsimile van het hele boekje

Klik op een bladzijde om ze op volle grootte te openen. De lijsten zelf zijn niet getranscribeerd.

Canter, Variarum lectionum libellus, p. 1: titel, praefatio, begin OT-lijst
p. 1: titel, praefatio, begin OT-lijst
Canter, Variarum lectionum libellus, p. 2: OT-lijst
p. 2: OT-lijst
Canter, Variarum lectionum libellus, p. 3: OT-lijst
p. 3: OT-lijst
Canter, Variarum lectionum libellus, p. 4: OT-lijst
p. 4: OT-lijst
Canter, Variarum lectionum libellus, p. 5: OT-lijst
p. 5: OT-lijst
Canter, Variarum lectionum libellus, p. 6: slot OT-lijst
p. 6: slot OT-lijst
Canter, Variarum lectionum libellus, p. 7: titel NT-lijst
p. 7: titel NT-lijst
Canter, Variarum lectionum libellus, p. 8: NT-lijst
p. 8: NT-lijst
Canter, Variarum lectionum libellus, p. 9: NT-lijst
p. 9: NT-lijst
Canter, Variarum lectionum libellus, p. 10: NT-lijst
p. 10: NT-lijst
Canter, Variarum lectionum libellus, p. 11: NT-lijst
p. 11: NT-lijst
Canter, Variarum lectionum libellus, p. 12: slot NT-lijst, Ad lectorem, approbatie
p. 12: slot NT-lijst, Ad lectorem, approbatie

Praefatio

Vooraan de lijst, p. 1. Gaat over de Griekse tekst van het Oude Testament.

LatijnNederlands

Variarvm in Græcis Bibliis lectionvm libellvs, a Gvlielmo Cantero concinnatvs. Præfatio.

Boekje met de afwijkende lezingen in de Griekse Bijbel, samengesteld door Willem Canter. Voorwoord.

Variarvm in Græcis Bibliis lectionum causam permagnam dedit, si verum fateri volumus, interpretum numerus. Cùm enim plures olim Græcæ translationes extiterint, quemadmodum sex Epiphanius De mensuris & ponderibus enumerat: factum inde videtur, vt quibusdam in locis nostræ editiones aliam aliæ translationem secutæ sint; quodq; suo iam tempore querebatur in Esdram & Nehemiam D. Hieronymus, de lxx virûm codice non vsquequaq. rem constare, quippe quem varietas ipsa laceratum atq. inuersum demonstraret; nobis multo liceat conqueri iustiùs.

De voornaamste oorzaak van de afwijkende lezingen in de Griekse Bijbel is, als wij de waarheid willen erkennen, het aantal vertalers. Want omdat er vroeger meerdere Griekse vertalingen hebben bestaan – Epiphanius telt er in Over maten en gewichten zes op – is het, naar het schijnt, zo gekomen dat onze edities op sommige plaatsen elk een andere vertaling hebben gevolgd. En wat de heilige Hiëronymus in zijn tijd al beklaagde in zijn voorwoord op Ezra en Nehemia, dat de tekst van de codex van de Zeventig niet overal vaststaat, aangezien de verscheidenheid zelf laat zien dat hij verscheurd en door elkaar gegooid is, daarover mogen wij ons met veel meer recht beklagen.

Veruntamen hac in varietate nec omnē collationis operam fore superuacuā credidimus; nec eandem vsq. ad minutissima quæque proferendam putauimus: sed mediam ingressi viam, quæcunq. scripturæ cum D. Hieronymi interpretatione conuenirent, annotandas omnes duximus; quibusdam etiā aliis, quoniam ad rem pertinere videbantur, non omissis. Reliquæ enim varietates non magni erant momenti, vt cùm ἤλθοσαν pro ἦλθον, & καὶ τοῦτο pro τοῦτο δὲ verbi gratia scriptum fuerat. Nominum quoque propriorum tam crebra fuit varietas, vt etiam sola libellum integrum postulare potuerit.

Toch hebben wij gemeend dat bij deze verscheidenheid niet alle moeite van het collationeren overbodig zou zijn, maar evenmin dat wij die tot in de kleinste bijzonderheden moesten doorvoeren. Wij zijn een middenweg gegaan: alle lezingen die met de vertaling van de heilige Hiëronymus overeenstemmen, hebben wij menen te moeten noteren, en ook enkele andere niet weggelaten, omdat zij ter zake leken te doen. De overige varianten waren namelijk van weinig belang, zoals wanneer er bijvoorbeeld ἤλθοσαν stond in plaats van ἦλθον, en καὶ τοῦτο in plaats van τοῦτο δέ. Ook bij de eigennamen was de verscheidenheid zo groot dat die alleen al een heel boekje had kunnen vergen.

Libris autem duobus hac in collatione vsi sumus: quorum vnus Octateuchum manu satis antiqua descriptam continebat, à doctissimo viro D. Clemente Anglo suppeditatus; alterum conficiebat editio Bibliorum Græcorum Germanica, cum duobus Vaticanis Bibliorum codicibus collata, notísque inde collectis ad margines insignita, quæ tamen permultis in locis non tam scripturam variam exprimeret, quàm errata Typographica, quibus illa scatet editio, tollerent. qui quidem liber ex Illustriss. Cardinalis Granuellani bibliotheca depromptus fuit.

Wij hebben bij deze collatie twee boeken gebruikt (libris duobus). Het ene bevatte de Octateuch, in een tamelijk oude hand geschreven (manu satis antiqua descriptam), en is ons ter beschikking gesteld door de zeer geleerde heer Clemens de Engelsman (à … D. Clemente Anglo suppeditatus). Het andere bestond uit de Duitse editie van de Griekse Bijbel (editio Bibliorum Græcorum Germanica), vergeleken met twee Vaticaanse Bijbelcodices en in de marges voorzien van de daaruit verzamelde aantekeningen (notis … ad margines insignita). Die aantekeningen geven echter op zeer veel plaatsen niet zozeer een afwijkende lezing weer, maar verbeteren de drukfouten waarvan die editie wemelt. Dit boek is afkomstig uit de bibliotheek van de doorluchtige kardinaal Granvelle.

Quod si nobis ipsam quoque Germanicam editionem, itemq. Aldinam conferre per tempus licuisset: plures, credo, varietates habuissemus annotandas, veruntamen quæ remorari sæpè potiùs, quàm iuuare lectorem potuissent. Si quis tamen illas quoque desiderat, sibi eas per se, quoniam editiones in manibus versantur, comparet licet. nobis quidem ea, quæ de scriptis prolata sunt libris, in medium sufficit hoc loco contulisse.

Had de tijd ons toegelaten ook de Duitse editie zelf en de Aldina te vergelijken (Germanicam editionem, itemq. Aldinam conferre), dan hadden wij, denk ik, meer varianten te noteren gehad, maar wel zulke die de lezer vaak eerder hadden kunnen ophouden dan helpen. Wie ook die verlangt, mag ze zelf bijeenbrengen, want de edities zijn in ieders handen. Voor ons volstaat het hier te hebben voorgelegd wat uit geschreven boeken naar voren is gebracht (de scriptis prolata … libris).

Rationem denique in annotando secuti eam sumus, vt quæ vel ex D. Clementis codice solo in Octateuchum, vel ex Vaticanis in reliquos libros collegeramus; hæc nota nulla, quoniam auctorem per se proderent, insigniremus: quæ verò per Octateuchum aut è Vaticanis tantùm erant deprompta, iis V. literam; aut ex vtroque volumine, his vtramque C. & V. apponeremus.

Bij het noteren hebben wij ten slotte deze werkwijze gevolgd. Wat wij voor de Octateuch alleen uit de codex van de heer Clemens, of voor de overige boeken uit de Vaticaanse codices hadden verzameld, hebben wij van geen teken voorzien (nota nulla), omdat het zijn herkomst vanzelf verraadt. Wat binnen de Octateuch alleen uit de Vaticaanse codices was geput, kreeg de letter V. Wat uit beide banden kwam, kreeg beide letters, C en V.

Quæ omnia Catholicæ Romanæ Ecclesiæ iudicio censuræq; submissa sunto.

Dit alles zij onderworpen aan het oordeel en de censuur van de katholieke Roomse Kerk.

Ad lectorem en approbatie

Slot van de lijst, p. 12, na het Nieuwe Testament.

LatijnNederlands

Finis. Ad lectorem.

Einde. Aan de lezer.

In his lectionibus colligendis hoc à nobis obseruatum est, vt, posteaquam eas adiumento lectoribus esse, non impedimento cupiebamus, eas ferè scripturas omnes, quæ vel idem prorsus valerent, vt cùm ἐποίει pro ἐποίησε Luc. iij. scriptū fuerat; vel errata dūtaxat essent typographica, vt cùm ὑποπιάζω pro ὑπωπιάζω i. Corinth. ix. erat annotatum; vel etiam glossæ meræ essent, vt cùm προσέταξεν pro συνέταξεν Matth. xxvi. fuerat positum; plerunque omitteremus, cùm præsertim aliunde quoq. peti illæ possent: reliquas autem quanta & poteramus, & debebamus fide atque diligentia colligeremus.

Bij het verzamelen van deze lezingen hebben wij het volgende in acht genomen. Omdat wij wilden dat zij de lezers tot hulp en niet tot hinder zouden zijn (adiumento lectoribus … non impedimento), hebben wij vrijwel alle lezingen meestal weggelaten die ofwel precies hetzelfde betekenden, zoals wanneer in Lucas 3 ἐποίει in plaats van ἐποίησε geschreven stond; ofwel slechts drukfouten waren, zoals wanneer in 1 Korintiërs 9 ὑποπιάζω in plaats van ὑπωπιάζω was genoteerd; ofwel louter glossen waren, zoals wanneer in Mattheüs 26 προσέταξεν in plaats van συνέταξεν was gezet. Dat deden wij vooral omdat die ook elders te vinden zijn. De overige hebben wij verzameld met alle trouw en zorgvuldigheid die wij konden en moesten opbrengen.

Ad id autem perficiendum quoniam vulgatæ editionis exemplari Græco certis de causis vsi sumus, quod etiam cum Complutensi codice inter alios fuerat collatum; si hac re nonnunquam contingeret, vt varia lectio heic annotata in Complutensi contextu reperiatur: id ad eum confirmandum valere, postquam cæteris lectionibus ea fuit prælata, prudens Lector intelliget.

Om dit uit te voeren hebben wij om bepaalde redenen (certis de causis) een Grieks exemplaar van de gangbare editie (vulgatæ editionis exemplari Græco) gebruikt, dat onder andere ook met de Complutensische codex was vergeleken (cum Complutensi codice inter alios fuerat collatum). Mocht het daardoor soms gebeuren dat een hier genoteerde afwijkende lezing in de Complutensische tekst zelf wordt aangetroffen, dan zal de verstandige lezer begrijpen dat dit dient om die tekst te bevestigen, aangezien die lezing boven de andere is verkozen.

Quæ itidem omnia Catholicæ Romanæ Ecclesiæ iudicio censuræq; submittimus.

Ook dit alles onderwerpen wij aan het oordeel en de censuur van de katholieke Roomse Kerk.

Hunc variarum lectionum in Græcis Bibliis libellum à Gvilielmo Cantero concinnatum ad sacræ Scripturæ studiosorum vtilitatem imprimi posse nos infrascripti censemus. Louanij xiii. Calend. Decemb. Anno ciↄ. iↄ. lxxi.

Wij ondergetekenden oordelen dat dit boekje met afwijkende lezingen in de Griekse Bijbel, samengesteld door Willem Canter, tot nut van de beoefenaars van de Heilige Schrift gedrukt kan worden. Leuven, 19 november 1571.

Augustinus Hunnæus.
Cornelius Reyneri Goudanus.
Johannes Harlemius.

Augustinus Hunnaeus.
Cornelius Reyneri Goudanus.
Johannes Harlemius.

Opmerkingen

Transcriptie diplomatisch-licht: lange s als s; æ, & en de afkortingen (q; voor -que, macron voor m/n) zoals gedrukt; u/v en i/j zoals gedrukt; geen stilzwijgende correcties. In de vertaling staan Latijnse sleutelwoorden cursief tussen haakjes.