Hand 9:5–6 in de Antwerpse Polyglot: durum est tibi contra stimulum calcitrare

Dick Wursten · oktober 2026

Het verschil

In het verhaal van Saulus’ bekering heeft de Vulgaat in Hand 9:5–6 een zin die in de Griekse handschriften op deze plaats ontbreekt: durum est tibi contra stimulum calcitrare. Et tremens ac stupens dixit: Domine, quid me vis facere? Et Dominus ad eum. De woorden komen elders in Handelingen voor (26:14; 22:10).

De Complutensis drukt het Grieks zonder deze zin. Erasmus nam haar in zijn Grieks op, vertaald uit het Latijn: σκληρόν σοι πρὸς κέντρα λακτίζειν. τρέμων τε καὶ θαμβῶν εἶπε, κύριε, τί με θέλεις ποιῆσαι; καὶ ὁ κύριος πρὸς αὐτόν. Via Estienne bleef de zin in de gedrukte Griekse tekst. Reuss neemt de plaats op in zijn lijst van toetsplaatsen (nr. 22, A e): de Complutensis laat weg, Erasmus voegt toe.

Deel V: de obelus

In deel V staat de zin in het Grieks. De Antwerpse tekst volgt hier dus niet de Complutensis maar de lijn Erasmus–Estienne. De passage is wel gemarkeerd met een kort liggend streepje, vermoedelijk een obelus. Het teken staat vóór σκληρόν en daarna vooraan op elke regel waarover de passage doorloopt: vóór τρέμων en vóór -σαι (het tweede deel van ποιῆσαι, na het afbreekstreepje op de vorige regel). Ze eindigt bij de apostrophe na αὐτόν. De passage is bovendien met witruimte afgebakend: voor σκληρόν  en na πρὸς αὐτόν. Zo is precies het tekstdeel aangewezen dat de Complutensis mist.

Antwerpse Polyglot, deel V: Hand 9:1–8 in de Vulgaat en het Grieks
Antwerpse Polyglot, deel V: Hand 9:1–8, links de Vulgaat, rechts het Grieks. De Vulgaat heeft in vers 5–6 durum est tibi contra stimulum calcitrare. Et tremens ac stupens, dixit: Domine, quid me vis facere? Et Dominus ad eum.
Detail van de Griekse kolom, Hand 9:5–8, met de tekens vóór σκληρόν, τρέμων en -σαι
Detail van de Griekse kolom, Hand 9:5–8. Het teken staat vóór σκληρόν, vóór τρέμων en vóór -σαι; de passage loopt van witruimte tot witruimte.

De Syrische kolom

De Latijnse vertaling van het Syrisch heeft alleen het eerste deel van de zin als vers 5 Durum est tibi calcitrare ad stimulos. Dan volgt het antwoord van Paulus: Respondit ipse & ait: Quis es Domine mi? Het tremens ac stupens … quid me vis facere ontbreekt; vers 6 gaat na de zelfbekendmaking door met Sed surge, ingredere urbem.

Antwerpse Polyglot, deel V: Hand 9:4–7 in het Syrisch en de Latijnse vertaling daarvan
Antwerpse Polyglot, deel V: Hand 9:4–7 in het Syrisch, rechts de Latijnse vertaling daarvan.

Het interlineair

Ook het interlineair heeft de zin in het Grieks, maar zonder teken. De Latijnse regel volgt het Grieks; de formulering van de Vulgaat staat met verwijzingstekens in de marge, hetzelfde procedé als bij Lc 2:14 en 1 Tim 3:16.

Regel (naar het Grieks) Marge (Vulgaat)
Ait autem Qui dixit
At Dominus dixit Et ille
durum tibi est
ad stimulos contra stimulum
Tremensque Et [tremens]
& pavens ac stupens
dicetur ibi [dicetur]

Sed (voor ἀλλά) en in (voor εἰς) staan cursief en hebben geen tegenhanger in de Vulgaat (Surge, et ingredere civitatem).

Interlineaire editie van de Antwerpse Polyglot: Hand 9:5–6 met Vulgaatlezingen in de marge
Interlineaire editie van de Antwerpse Polyglot: Hand 9:5–6. Het Grieks heeft de zin zonder teken; links in de marge de lezingen van de Vulgaat.

Conclusie

Bij Hand 9:5–6 volgen beide Griekse teksten van de Antwerpse Polyglot Erasmus en Estienne, niet de Complutensis: de zin uit het Latijn staat erin. Deel V bakent haar af met een teken, het interlineair niet. Noch Canter (lijst met Griekse varianten in deel VIII) noch de Leuvense theologen (Lijst met Latijnse varianten in deel VIII) zeggen iets over deze tekst.

Bij Mt 6:13 markeerde deel V een plus van het Grieks tegenover de Vulgaat; hier markeert het een plus die het gedrukte Grieks met de Vulgaat deelt, en die de Complutensis mist (de Griekse Vorlage).